vrijdag 28 augustus 2009

Waar hoort de hommel thuis in de muziekinstrumenten ?

De muziekinstrumenten worden gewoonlijk als volgt ingedeeld :
IDIOFONEN : klank ontstaat uit het materiaal zelf (klok, cimbaal, castagnetten, lepels)
MEMBRANOFONEN : klank ontstaat door slaan of wrijven op een membraan (trom, rommelpot, tamboerijn)
AEROFONEN : klank ontstaat door het tot trillen brengen van een luchtkolom (vb. blokfluit, trompet, doedelzak, hoorn)
CHORDOFONEN : klank ontstaat door het tot trillen brengen van minstens een snaar (viool, draailier, hommel, harp, gitaar, piano, enz.)
MECHANISCHE MUZIEKINSTRUMENTEN : draaiorgel, draailier, muziekdoos, enz.


SNAARINSTRUMENTEN (chordofonen)
De klank ontstaat door het tot trillen brengen van minstens één snaar. Aangezien een snaar zelf een te zwakke klank voortbrengt, is er altijd een resonator of klankkast nodig. De indeling gebeurt op basis van de resonator. We onderscheiden enkelvoudige chordofonen (snaren niet per twee of in groep, vb. gitaar, viool, harp) en samengestelde chordofonen (snaren per twee of in groep, vb. mandoline, banjo, hakkebord, cymbalom, piano). De chordofonen worden onderverdeeld in :

mondbogen : snaar op een boog gespannen ; mond dient als resonator
luiten : hebben een hals ; snaren lopen evenwijdig met het bovenblad en over de hals
lieren : snaren zijn bevestigd aan een raamwerk
harpen : snarenvlak staat verticaal t.o. de resonator.
citers : onder- en bovenblad zijn evenwijdig ; snaren lopen evenwijdig met het bovenblad

CITERS : worden onderverdeeld in :
- Stokciters : resonator bestaat uit een (holle) stok
- Buisciters : de resonator is een volle of halve cylinder
- Trogciters : snaren liggen over een trogvormige resonator
- Raamciters : snaren liggen over een raam gespannen
- Vlotciters : meerdere resonatoren naast elkaar vastgemaakt

- Plankciters : resonator bestaat uit een houten plank of plaat

PLANKCITERS worden onderverdeeld in :
a) Echte plankciters : snarenvlak is evenwijdig met het vlak van de resonator.
Hierin onderscheiden we :
- Plankciters zonder resonator
- Plankciters met resonator, met daarin :
a) komciters : komvormige resonator, en

b) Kistciters : plankciters met doos- of kistvormige resonator : HOMMEL, zither, hakkebord, piano, clavecimbel, cymbalon, spinet, virginaal, psalter, enz.

b) onechte plankciters : afwijkende vorm t.o. echte plankciters.

De hommel evolueerde uit het monochord, een reeds bij de Oude Grieken bekende éénsnarige citer. Die ene snaar werd later uitgebreid met één of meerdere melodiesnaren (bichord, trichord, polychord) en bourdonsnaren, eerst unisono of octaverend, later harmoniërend met de melodiesnaren.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten